Kustweg

Het stuk Pacific Coast Highway grofweg tussen San Francisco en Los Angeles, of meer specifiek tussen Monterey en San Simeon is ongelooflijk de moeite om met de auto te doen. Niet om langs de vele bochten te scheuren (dat zouden de erg voorzichtig rijdende Amerikanen absoluut niet waarderen) maar omwille van het landschap. Je komt onderweg heel indrukwekkende rotsbaaien tegen en het loont dan ook de moeite om af en toe even te stoppen.

Afb0577Je zou denken dat dit stuk weg het best in een rode cabrio wordt afgelegd, maar het tegendeel is waar. Het meest in het oog springend vervoer is namelijk een RV (een busachtige mobilhome) met daaraan een pick-up truck. Je komt onderweg namelijk een aantal State Parks tegen en die zijn ideaal om te gaan kamperen. De RV is dan de “home base” en met de pick-up truck maak je dan uitstapjes naar bijvoorbeeld Big Sur Point (niet geweest) of Hearst Castle (wel geweest en zeer de moeite).

Afb0583In een flits gezien onderweg en naar het schijnt het restaurant met het mooiste uitzicht ter wereld: Nepenthe Restaurant zo’n 3 mijl ten zuiden van het Pfeiffer Big Sur State Park. We reden er rond drie of vier uur in de namiddag voorbij en de parking stond afgeladen vol. Als je dus, ik zeg maar wat, de liefde van je leven een huwelijksaanzoek wil doen dat ze nooit zal vergeten, best op voorhand reserveren. Ik stel er mij iets Milliways-achtig bij voor, maar dan zonder dat de wereld om de zes uur vergaat.

Video: zeeleeuw onder pier van Santa Cruz

Santa Cruz

Onderweg langs de West Coast kom je veel toeristische attracties tegen, maar de leukste was toch Santa Cruz. Naar het schijnt is het één van de beste plekken ter wereld om te surfen, maar wij gingen gewoon om te lunchen.

Afb0553 Gewoon naar de Wharf gewandeld om aan het einde van de pier in een Mexicaanse bar een Thursday Taco (zes dollar Margarita inbegrepen) te gaan eten.

De grote verrassing waren de zeeleeuwen, die onder of naast de boardwalk liggen te snoezelen, soms in pakketten van tien of twaalf tegelijk. Op de foto hieronder zie je een zeeleeuwmannetje, dat trouwens verdacht veel op Jamie Hyneman leek, zijn neus optrekken voor mijn taco-adem.

Afb0564

De eerste foto’s

Us @ Miure Beach VistaGeeky love aan de Muir Beach Vista

Een eerste selectie foto’s van San Francisco tot San Simeon staat nu op Flickr.

de flickr-set

bekijk de slideshow

Het moederschip

Het officiële adres van het Apple hoofdkwartier in Cupertino  is “1, Infinite Loop”. De Apple Company Store op datzelfde adres is vrij toegankelijk. Niet te verwarren met een Apple Retail Store, want je vindt er geen computers. Alleen erg veel Apple merchandising (t-shirts, drinkbekers, babykleding) voor de Apple fan in je leven.

Afb0550Het spreekt voor zich dat ons reisbudget hier een flinke deuk heeft gekregen.

This myth is… busted!

Ergens in het industriegebied rond San Francisco bevindt zich de loods van M5 Industry Visual Effects, het bedrijf van Jamie Hyneman (ja, die met de walrussnor uit Mythbusters). Wat er van het bedrijf zelf te zien was, is overigens ietwat ontluisterend.

Afb0549Maar misschien was het gewoon nog veel te vroeg in de ochtend om spectaculaire ontploffingen te verwachten.

Een dag in San Francisco

Muir Woods National Monument
Afb0488Als je eens een boom wil knuffelen, en meteen een heel erg grote: Muir Woods, bekend om de sequioa’s. Iets ten Noorden van San Francisco en ideaal voor een flinke ochtendwandeling (ook al omdat later op de dag het erg druk wordt).

Muir Beach Overview
Afb0500Gevonden via de “I feel lucky” functie van de GPS. Je kan een heel eind de klif op wandelen en daar, op de kop, een “I’m king of the world” pose aannemen. Deze plek was vroeger een uitkijkpost van het Amerikaanse leger, en waar je de auto parkeert kan je de bunkers nog zien.

Golden Gate Bridge
Afb0469Bij nader inzien toch maar niet met de fiets overheen gereden… Gratis als je naar het Noorden rijdt; zes dollar als je zuidwaarts de brug neemt.

Tiburon
Afb0503Idyllisch stadje aan de goeie (lees: zonnige) kant van San Francisco Bay. Onderweg (in Boardwalk Mall) een sandwich gekocht om u tegen te zeggen en die dan opgegeten op een bankje met zicht op de plezierboten die vertrekken aan Main Street 21.

San Francisco en zijn trammetjes
Afb0510Naar het schijnt vielen de paarden en hun karren vroeger altijd om op de steile hellingen van San Francisco. Daarom werden er uit heel Europa tramstellen geïmporteerd en die rijden daar nu nog altijd rond. Twee dollar en je bent vertrokken!

Union Square Shopping District
Afb0512Het middelpunt van de buurt met de winkeltjes. Vooral interessant voor de fans van grote kledingmerken. Gil en ik hebben ons beperkt tot nieuwe All Stars en natuurlijk boeken van bij Borders.

Chinatown
Afb0523Elke Amerikaanse grootstad heeft wel een Chinatown maar deze van San Francisco is wel heel groot. Rommelige winkeltjes met Aziatische kitsch en salons waar je Chinese thee kan gaan proeven.

Jack’s Bar in Del Monte Cannery bij Fisherman’s Wharf

Afb0538Rudimentaire buitentoog op het binnenplein van de Del Monte Cannery waar ze niet minder dan 69 bieren van het vat hebben. Allemaal helaas geserveerd in een smakeloos styrofoam Miller Light bekertje. Daar geproefd: een Arrogant Bastard, een pittige donkere uit San Diego.

Pier 39
Afb0545Een groot toeristencircus maar wel plezierig. Eens goed gaan eten (naar Amerikaanse normen) in Neptune’s, met mooi uitzicht op de baai.

Lombard Street
Afb0533Het fameuze haarspeldbochtcircuit van Lombard Street, dat ruikt naar testosteron en onvolledige verbranding. De plek van één of ander geheim overgangsritueel voor mannelijke chauffeurs.

Biersnob

Jack's Bar , San Francisco

Het is nu al de vierde keer dat ik naar de VS reis en dit jaar is, na lang wachten, het eerste jaar dat ik hier legaal een pint mag pakken. Dat het Amerikaanse bier op weinig trekt, dat weet iedereen, zelfs de Amerikanen (helaas denken ze dan wel dat Heineken het sumum van bierbrouwen is). Toch zijn er uitzonderingen op de regel en gisteren ontdekten we er zo ééntje in Jack’s Bar aan de Cannery vlakbij Fisherman’s Wharf. Het “Arrogant Bastard” bier uit San Diego is volgens mij één dat ook de wijlen Michaël Jackson, als in “The King Of Beer Not Pop”, zou kunnen bekoren.

Met z’n donkere kleur en zoete geur deed dit lokale brouwsel me meteen denken aan de Gouden Carolus van de Anker-brouwerij in ons eigen Mechelen. Toen het echter m’n smaakpapillen raakte werd die vergelijking meteen aan diggelen geslagen door een zware, bittere, maar vooral zeer lekkere, smaak.

Maar nu komen we aan het biersnob-gedeelte want ook al bestelden we meerdere bieren (Stella Artois, Pilsner Urquell en de hierboven vermelde Arrogant Bastard), toch werd het steeds prompt geserveerd in een afschuwelijk plastic bekertje van Miller Lite. Ik wil niet moeilijk doen en ik weet dat het voor de rest van de wereld soms een rare gewoonte lijkt om voor elk bier een ander glas te hebben, maar ik blijf er bij dat een mooi glas een grote rol speelt in het consumeren van een bier, al is het een frisse pint of een zware trappist.

De triomf van de rode menie

San Francisco

If you go to San Francisco… make sure to wear… een lange broek, gesloten schoenen en een extra onderlijveken. Want klimatologisch is er met San Francisco iets heel eigenaardigs aan de gang.

Als je vlak voor de Golden Gate Bridge even opzij gaat staan voor een, hoop je toch, killer view van deze magistrale Triomf Van De Rode Menie, dan kan je nauwelijks je camera vasthouden van de kou en de wind. De Bridge zelf is gehuld in nevelen en als je dan nog wat high bent van de jet lag lijkt het bijna alsof het een brug is naar een andere werkelijkheid.

Maar als je dan naar de andere kant van de baai gaat, naar het idyllische buitenwijkje Tiburon, schijnt de zon, is het leven goed, en kijk je over de baai met de overzetboten en de zeilbootjes uit op hoe de wolken uit de Pacific over San Francisco worden geblazen en daar als een lichtgrijs deken op de stad blijven liggen.

Prachtige stad trouwens, de meest “Europees” aandoende van de Amerikaanse steden die ik al bezocht, en totaal het tegenovergestelde van het jachtige “ik ken u niet” van New York. Maar eerst zijn we ‘s morgens naar Muir Woods geweest ten Noorden van SF. Een heel sympathiek natuurdomein met hoog geitenwollensokkengehalte waar je je kan vergapen aan gigantische Sequioa’s. We hebben er te voet een trail van een paar mijl gedaan en de diversiteit van planten en dieren is echt verbluffend. We lachten vroeger altijd als we een verkeersbord met “pas op voor overstekend wild” zien maar nu zagen we echt een hertje tussen de ondergroei wegspringen. Ook een foto gezien van de uitstapjes van een 19de eeuws mannenclubje dat zich de Bohemians noemde en dat in Muir Woods vanalles deed dat je zou kunnen omschrijven als “een kruising tussen een hippie picnic en de Buddha bar”.

Van hippies gesproken, ons hotel (Travelodge Central) ligt vlakbij Haight Street, dus middenin de hippie buurt. Voor twee dollar lift je mee in één van de classic street cars van Line F helemaal tot aan Fisherman’s Wharf als je wil. Gisteravond zijn we poepsjiek gaan eten in Neptune’s op Pier 39. Die Piers zijn een gigantisch toeristencircus maar we hebben ons er wel geamuseerd, al heeft de biersnob in Gil er wel een paar moeten slikken (post volgt later).

You get what you pay for en wij betaalden amper 50 dollar voor deze ene nacht in het centrum van SF, en 11.95 dollar voor een ruime parkeerplaats. Wat we kregen was een scene uit een vroege Tarantino. Dit is werkelijk het meest marginale hotel waar ik ooit in sliep. Het is proper, maar er hangen lakens voor de ramen in plaats van gordijnen, er is geen airco, het ontbijt moet je uit een paar machines draaien aan twee tafels bij de receptie, en er heeft de hele nacht een vrouw de longen uit haar lijf liggen hoesten. Maar wat we het meest waarderen aan Travelodge hadden we hier ook: een goed groot bed, en free wifi.

Vandaag is onze laatste dag in San Francisco, en Gil heeft het in zijn hoofd gestoken om met de Rondo Lombard Street af te rijden en eens langs het Mythbusters gebouw te cruisen.

We vertrekken over vijf minuten naar Hearst Castle, dus de foto’s zet ik later vandaag online, als ik ze door Picasa heb gehaald.

Autosnob: deel 2

Our rental Kia

Zoals velen van jullie weten heeft het me letterlijk bloed, zweet en tranen gekost om op tijd m’n rijbewijs te hebben voor onze trip. Na vorige week een kleine 4000 km gebold te hebben met onze Audi A4 avant (heb hem zelfs een hele dag staan kuisen in de zon … I just love that car) moet ik toegeven dat ook ik een tikkeltje teleurgesteld was toen ik de Kia Rondo zag staan.

Maar kom, we maken er het beste van en ik maak mezelf ondertussen wijs dat als je de carrosserie van zowel de Equinox, de Wrangler als de Rondo er vanaf haalt het nog steeds, en de Rondo dan nog het minst van al, gas guzzling, inefficiënte SUV’s zijn die bijlange niet kunnen tippen aan good old Deutsche Gründigkeit. Ten slotte is in een stad van treehuggers als mezelf waar de Toyota Prius een groot deel van het straatbeeld vult een Kia nog niet zo’n slechte optie.

De automatische versnellingsbak ben je na een korte rit door de garage al snel gewoon. De truc die ik opmerkte, en die later ook door Gert-Jan werd bevestigd in de comments, is dat je alles met je rechterbeen moet doen, anders doe je een “embrayage”-trap om te remmen, wat niet echt optimaal is. Dan komen we bij de tech in de Kia en ook hier zijn er toch wel een paar “let-downs”. Eén van de twee aanstekers werkt niet (lang leve de powermonkey!) en de iPod integratie werkt niet met iPods van na … goh … 2005 ofzo. Gelukkig is er wel een aux poort (alleen ben ik een f’in kabeltje vergeten) en kregen we van Ann en Wim hun FM transmitter voor US trips te leen (waarvoor dank).

En nu naar San Francisco … waar langharigen thuis zijn.

In Amerika is alles breder

De mensen zijn hier breder, maar de auto’s ook. Dat viel me vooral op toen ik aan de aankomsthal van SFO aan het uitkijken was naar “een busje” dat ons naar de rental car company zou rijden. Iederéén rijdt hier met een busje, of een pick-up truck. Het contrast met Italie, waar we vorige week rondreden, kan niet groter zijn: Italianen rijden nog het liefst met van die kleine schattige autootjes. Met een grote “the earth is my bitch” SUV zou je je in de Toscaanse bergen zelfs sterk belachelijk maken tussen de Piaggio’s en vooral die nieuwe kekke Fiat 500-tjes.

Maar hier in de U.S. heerst koning auto nog altijd, crisis of niet. De straten zijn erop voorzien, de parkeerplaatsen ook. En niet alleen McDonald’s is hier drive-thru: als je wil moet je gewoon nooit die auto uitkomen. Behalve om hem alweer vol te tanken, natuurlijk.

Bloemen in ons haar

Gil heeft een heel plan in zijn hoofd om vandaag San Francisco te veroveren. Iets met Golden Gate, Twin Peaks, Lombard Street, de Piers en natuurlijk flink wat shopping. Ik kijk er ferm naar uit om nog eens met zo’n cable car mee te liften. Als ik me goed herinner is er een scheef trammetje bij, dat de hele dag dezelfde helling op en weer af rijdt.

Om de ietwat marginale uitstap gisteravond naar de McDonald’s Drive Thru te compenseren, gaan we vanavond dineren in San Francisco zelf. Via Twitter al 2 goeie suggesties binnen gekregen:

misslarismarcdierens

Autosnob

Vorige week nog postte Gil lekkerbekkend over de vette Chevrolet Equinox waar we in het Wilde Westen zouden gaan rondrijden. Maar toen we de parking van National Car Rental opkwamen was de enige Vroom Vroom die van een zwarte bad-ass Jeep Wrangler (zonder gewei). Net voor onze neus weggekaapt door een triomferende Hollander. De autosnob in mij pruilde dus nogal toen we het moesten stellen met de allerlaatste SUV uit het aanbod: de ietwat kleurloze KIA Rondo.

Afb0458De opdracht was, om deze nog naar nieuw ruikende Rondo van de huurautogarage 800 meter verder naar de Travelodge te rijden. Ik heb er een minuut of twintig over gedaan en dat waren zonder zever de meest angstaanjagende twintig minuten uit mijn leven, en allicht ook die van een paar omstaanders.

Twee pedalen in plaats van drie. Een automatische versnellingsbak met een P, een N, een D en nog van die dingen. Een nerveuze tweeliter benzinemotor. En een chauffeur met  de onweerstaanbare drang om te ontkoppelen… op de rempedaal.

Nooit meer. Ik zweer het u! Tenzij misschien in de open vlaktes van Arizona, dan doe ik zonder veel schade te berokkenen een woeste Eat My Dust in het woestijnzand.

De tuinzombie en de powermonkey

Om de tijd te doden aan boord van een vliegtuig doet een mens al eens gekke dingen. Zoals door de SkyMall cataloog bladeren en denkbeeldig vanalles bestellen.

Mijn top drie:zombie2

  1. “The Zombie of Montclaire Moors” Sculpture “Not for the faint of heart, this [...] life-size, gray-toned zombie will claw his way out of your garden plot, office, or family room corner, pleading for assistance with the most lifelike eyes you’ve ever seen.”
  2. Truck Antlers “Sometimes one car horn just isn’t enough.”
  3. Stealth Secret Sound Amplifier, een hoorapparaat voor senioren dat eruit ziet als een bluetooth headset. “Now you can enjoy the best of both worlds: a more youthful appearance and better hearing.” Of vlot vertaald: niets zegt “ik ben een loser en ook nog eens potdoof” als de Stealth Secret Sound Amplifier

Het viel me op dat de helft van de producten iets met “safe” of “protect” deed, zoals bijvoorbeeld de gizmo dat de hond van de buren gek maakt met een ultrasone piep elke keer als hij blaft. De andere helft van het SkyMall aanbod is pure kitsch, met veel aandacht voor de “antieke”, “mahoniehouten afwerking” van bijvoorbeeld het hondenhok voor binnenshuis of het ipod- en gsmoplaadstation (dat onderaan gloeit als de stekker in steekt!).

Dat doet me eraan denken: vlak voor we vertrokken heb ik bij A.S. Adventure een gizmo gekocht waar zelfs Gil van onder de indruk was: de powermonkey explorer. Laadt met een zonnepaneeltje al je kleine electronica (in ons geval: iPod, iPod Touch, Nokia Supernova, twee Blackberries, etc). Nu de zon nog!

Tienduizend kilometer met een Fry in je oor

Ik had er niet bij stil gestaan maar we zijn vandaag zo ongeveer de halve wereld rondgevlogen. Normaal neem ik altijd een stapel boeken mee maar deze keer volgde ik de goede raad van Stephen Fry op: zet eens wat audiobooks op die iPod en lees boeken terwijl je ondertussen wat anders aan het doen bent. In het geval van  Fry: lange wandelingen maken, iPhone in de ene en een grote zonnebloem in de andere (enfin, zo stel ik me dat een beetje voor). En in mijn geval: boeken lezen terwijl je oncomfortabel in je stoel zit te draaien aan boord van een tjokvolle Boeing.
Vlak voor we vertrokken propte ik deze 2 boeken nog op mijn 160 GB iPod:

  1. The Power of Now van Eckhart Tolle, voorgelezen door de auteur zelf. Dit boek was me vorig jaar al aangeraden door Peter Hoogland, die er helemaal weg van was. Het boek is opgevat als een soort filosofisch debat en gelukkig spreekt Tolle zo goed als accentloos Engels. Maar zo ergens halverweg begint hij zijn eigen termen (the unmanifested, the painbody, the being) door elkaar te gebruiken en mixt hij er zelfs wat God, Jezus en Boeddha doorheen. Duurt 7 uur en 39 minuten dus perfect om je zen te behouden tijdens een Transatlantische vlucht.
  2. englishdelight Fry’s English Delight, waarin Stephen Fry op onnavolgbare wijze de eigenaardigheden van de Engelse taal verkent. Pure porno voor linguïsten, vooral die editie over “sea deafness” en metaforen. Prachtig. Ben ook van plan om Fry’s versie van the Hitchhiker’s Guide to the Galaxy te kopen. Gewoon om het hem eens te horen zeggen: thank you for making a simple door happy.

Vroom vroom

2006ChevroletEquinox9

De trip komt steeds dichterbij. Vandaag mocht ik bij Joker de vliegtickets en het voucher voor de huurwagen af gaan halen. Daarop stond vermeld welke SUV we juist gaan krijgen (of toch een gelijkaardig model) … meet the Chevrolet Equinox.

Het is groot, doet waarschijnlijk niet meer dan 10 km per gallon en de heren van Top Gear zouden hem met veel plezier de grond in boren. En toch, toch moet ik stiekem toegeven dat de auto perfect is voor onze rit. Ruim, stoer en voorzien van alle luxe … laar maar komen, die SUV.

We nemen er de kaart bij …

kaart

De zomervakantie is nu wel heel dichtbij en net zoals vorig jaar trekken Clo en ik de grote plas over naar de USA. Dit jaar kozen we ervoor de westkust en het zuidwesten te gaan verkennen. Zoals je hierboven kan zien nam ik er vandaag Google Maps al eens bij om onze plannen uit te teken. Enkele grote lijnen op een rijtje:

  • We vliegen op 21 juli van Brussel over New York (waar we helaas geen stop houden) naar San Francisco.
  • In San Francisco huren we een SUV (don’t ask) en na een dag of twee bloemen in ons haar te dragen begeven we ons langzaam maar zeker naar Los Angeles. We nemen de lange “scenic route” beter bekend als highway 1.
  • In Los Angeles aangekomen gaan we op bezoek bij Karen aka Fotomom (een mede flickr-gebruikster die ik vorig jaar ontmoette op een meetup in Leiden) die bovendien zo lief is ons een gastenkamer aan te bieden.
  • Na Lalaland verkend te hebben begeven we ons richting Phoenix om daar een volledig zuidwaardse koers te nemen naar Tucson waar tia Myriam zich over ons zal ontfermen. We brengen de SUV binnen en trekken de volgende dag samen met haar weer noordwaarts richting Las Vegas.
  • We genieten enkele dagen van de gekste stad op aarde en slapen in een pyramide.
  • Onderweg terug naar Tucson bezoeken we een heel groot gat in de grond.
  • Op 4 augustus moeten we vroeg op om op tijd in Phoenix te zijn voor de terugvlucht, deze keer via Chicago.

Net als vorig jaar zal je op deze blog onze avonturen gedurende de reis kunnen volgen. Heb je zelf al een deel van onze route gedaan en wil je die ervaringen delen, vergeet die dan vooral niet achter te laten in de comments hieronder.

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.